| NAAR AANLEIDING VAN het bericht in deze krant van 20 juni jl. over de resultaten van het Colegio Arubano, waarbij een vergelijking wordt gemaakt met Nederland, wil ik als volgt reageren. Er moet gewoon meer geld komen voor het onderwijs. Een kwestie van prioriteit. Niet zozeer om de percentages te verhogen. Maar omdat ieder kind recht heeft op goed onderwijs, een stimulerende en inspirerende leeromgeving. Een cijfermatige vergelijking alleen zou een verkeerde beeldvorming oproepen en achterlaten. Tussen 2004 tot 2007 heb ik met veel plezier in Nederland op scholengemeenschappen van vmbo, havo, vwo tot gymnasium mogen werken. Inderdaad slaagden op al die scholen meer dan 90 procent van de leerlingen. “Het is dit jaar niet anders”, laten oud-collega’s uit Nederland mij weten. Wat is het verschil? In Nederland krijgt een docent binnen zijn bezoldigde weektaak een aantal surveillance-uren ingeroosterd voor toezicht in een behoorlijk grote studieruimte. Honderdvijftig leerlingen kunnen in de studieruimte in stilte studeren en huiswerk maken. Drie leraren worden daarvoor elk uur ingeroosterd. In diezelfde ruimte zijn er drie eilandjes, elk met acht computers waarop leerlingen hun taken kunnen uitwerken. Er is een grote printer zwart/ wit/ kleur ter beschikking. Voorbij de eilandjes is er nog een gesloten ruimte waarin een groep van 30 leerlingen terecht kan. Daar mogen de leerlingen wel fluisterend in groepsverband hun taken uitwerken. Elke nieuwe leraar, ervaring of niet, krijgt een coach toegewezen. Binnen drie maanden worden lessen geobserveerd en besproken. Zes maanden later volgt het functioneringsgesprek. Ook leerlingen worden daarbij betrokken door middel van een enquête. De school heeft één, soms twee roostermakers in dienst. Ze doen niets anders dan het rooster aanpassen om lesuitval te minimaliseren. Leerlingen worden thuis geïnformeerd door middel van de ‘kettingtelefoon’ en op school door middel van digitale schermen op centrale plaatsen op school geplaatst. Nagenoeg elk lokaal is voorzien van audiovisuele middelen/ tv/ radio/ videoplayer, speakers niet te vergeten. De school heeft een karretje met 24 laptops. Heb je een les waarbij je de hele klas opdrachten wil geven met computers, dan sleep je het karretje mee naar je lokaal. Elke leerling beschikt voor dat uur of blokuur over een laptop met internetaansluiting. Daarnaast zijn er drie karretjes voorzien van een computer/beamer die makkelijk naar de lokalen verplaatst kunnen worden voor lesgebruik. De school heeft een behoorlijke goed geoutilleerde kantine en verblijfplaats voor de leerlingen onder toezicht. Door de leerplicht is het verzuim van leerlingen minimaal. Leerlingen die speciale hulp nodig hebben krijgen een rugzakje ter ondersteuning. Leerlingen voelen zich thuis, zijn betrokken, de leeromgeving is optimaal, het schoolklimaat is prettig en ze hebben de taal mee. Op Aruba missen wij onder andere coaches, roostermakers, studieruimte, kantine, computers, leerplicht, rugzakje. Ook het inhoudelijke aspect moet geëvalueerd. Verder moeten wij vechten tegen negatieve sociale omstandigheden. Om dit laatste op te vangen heeft Colegio Arubano één maatschappelijk werkster op 2500 leerlingen. Zolang een aantal voorwaarden er niet is, zal de welgemeende inzet die leraren tonen niet het verwachte resultaat opleveren. We moeten naast de examenresultaten ook kijken naar de leeromgeving, het schoolklimaat, gevoel van veiligheid, zich op school thuis voelen en betrokkenheid van leerlingen. Ten slotte moeten we kijken naar de mate waarin een regering het onderwijs ter harte heeft genomen en daarin heeft geïnvesteerd. Het gemis van een aantal zaken zoals hierboven genoemd laat daar geen twijfel over bestaan. Zullen we binnenkort daar samen iets aan doen? ERIC ILLES (verkiezingskandidaat MPA) Aruba
|